WAT ZEGT DE BELGISCHE WET OVER ORGAANDONATIE?

wetboek

Iedere Belg is potentieel donor

Iedere, al dan niet meerderjarige persoon, die sinds 6 maanden ingeschreven is in het bevolkingsregister of in het vreemdelingenregister en in staat is zijn wil te doen kennen, kan zich tot het gemeentebestuur van zijn woonplaats wenden ( dienst bevolking) om ofwel verzet aan te tekenen tegen de wegname van organen of weefsel na zijn overlijden ofwel zijn instemming te geven in een uitdrukkelijke wilsbeschikking als kandidaat-orgaandonor na zijn overlijden.

Wanneer er geen expliciete wilsbeschikking is en de organen in aanmerking komen voor donatie gaat men uit van donatie van de organen. De artsen zullen echter steeds met de familie overleggen, hoewel de familie strikt juridisch gesproken geen verzet tegen de wegneming kan uitspreken. Nochtans is er in 15% van de gevallen nog steeds een verzet van de familie, wanneer er geen instemming was vastgelegd door schriftelijke wilsbeschikking

Nooit tegen betaling

Afstand van organen en weefsels mag niet met winstoogmerk gebeuren. De donor, noch zijn nabestaanden kunnen enig recht doen gelden tegenover de ontvanger.

Met respect

Het wegnemen van organen en het sluiten van het lichaam moet gebeuren met respect voor het lichaam van de overledene en bezorgdheid voor de gevoelens van de familie. Het opbaren moet zo snel mogelijk gebeuren zodat de familie zo snel mogelijk de afgestorvene kan groeten en afscheid nemen.

Steeds anoniem

De identiteit van de donor en de ontvanger mag niet worden meegedeeld. Een ontvanger kan bijvoorbeeld wel een dankbrief schrijven aan de familie van de donor. Uit deze brief mag echter op geen enkele wijze zijn identiteit blijken. De brief wordt, anoniem, via de transplantatiecentra doorgespeeld aan de familie van de donor.

wetgeving

 

Samengevat

  • als de burger expliciet zijn weigering ten aanzien van wegneming heeft uitgedrukt, dan primeert die wil altijd en mag de arts geen wegneming uitvoeren.
  • Als de burger zich officieel donor heeft verklaard dan primeert die wil en mag de arts de wegneming verrichten.
  • Als de burger bij leven geen keuze heeft gemaakt dan gaat de wet uit van een stilzwijgende instemming en is wegneming geoorloofd!